Bij DressuurNatuurlijk is het bij revalidatie een eerste vereiste om vast te stellen welk werk/ welke functie het paard in zijn/haar leven vervult of gaat vervullen. Vanuit dit perspectief worden de volgende stappen binnen het revalidatieproces onderscheiden. In eerste instantie is het belangrijk dat de klachten in kaart worden gebracht. Hierin zijn er 2 mogelijkheden. Het paard is reeds bij een dierenarts of kliniek voor onderzoek aangeboden en in overleg met deze dierenarts of kliniek zal de training opgebouwd worden.
Indien dit nog niet is gebeurd of er wordt geen aanwijsbare oorzaak gevonden zal er gestart worden met een probleemanalyse.
Probleemanalyse:
Hierbij wordt gekeken naar welke problemen het paard heeft vanuit drie invalshoeken: het lichaam, het bewegingsapparaat en het gedrag. De kenmerken die binnen deze drie invalshoeken gevonden worden geven samen met de geschiedenis van het paard een beeld van het probleem. Bij het kijken naar het lichaam worden ook onderwerpen als voeding meegenomen. Ook wordt in kaart gebracht welke behandelingen het paard al gehad heeft (bij dierenarts, osteopaat, masseur etc.). De probleemananalyse neemt 1 week in beslag. Na deze week worden de bevindingen met de eigenaar besproken in de vorm van een behandelplan. Mogelijk is het om tijdens deze periode verschilende specialisten in te schakelen, om zo het probleem goed in kaart te brengen. De volgende specialisten kunnen ingeschakeld worden: diernarts, holistisch dierenarts, osteopaat, zadelspecialist, ondersteuning dmv Bach bloesems of massag. Ook is het mogelijk om foto"s te maken of een scan.
Revalidatietraining:
De training van het paard bestaat uit twee stappen. De eerste stap is het werken met het paard aan de hand. Hierbij ligt de nadruk op het ervoor zorgen dat het paard in een zuivere takt loopt en ontspant. Tijdens deze training zal er gewerkt worden aan het indien nodig herstellen van het verticaal en horizontaal evenwicht, het soepel maken van het paard in zowel de linker als de rechter buiging en het ondertreden van het binn Ook wordt de verhouding tussen mens en paard afgestemd. Het paard moet zich laten leiden door de mens. Als het paard de mens als leider accepteerd, kan ontspannen en in een zuivere takt kan stappen en draven gaan we verder met de tweede stap: het paard onder het zadel trainen.
Hierbij is het belangrijk dat het paard om kan gaan met het ruitergewicht en hierin zijn evenwicht vindt. Ook hier moet het paard taktzuiver en ontspannen lopen.
Als het paard zodanig hersteld is dat het een stabiele verbetering laat zien is het belangrijk dat de eigenaar handvaten krijgt om het paard verder te begeleiden.
Allereerst wordt aan de eigenaar uitgelegd wat het paard nodig heeft om niet terug te vallen in oude patronen. Aan de eigenaar wordt uitgelegd hoe hij/zij het paard beter kan rijden en trainen. Wanneer het paard onder het zadel recht, symmetrisch buigzaam, in balans is en zijn oude patronen afgeleerd heeft, kan de eigenaar met het paard verder.
Voordat de eigenaar dat thuis gaat doen, krijgt hij/zij eerst lessen om te voorkomen dat hij/zij het paard weer in zijn oude patroon brengt.
De eigenaar krijgt dan de verantwoordelijkheid terug om het paard gezond te houden.
In geval van revalidatie door trauma van buitenaf kunt u tegen de volgende problemen aanlopen:
Ook om dit revalidatieproces soepeler en veiliger te laten verlopen kunt u uw paard stallen bij DressuurNatuurlijk.